Interview met de rechter die de moordenaar van Julie Van Espen vrijliet

Ter inleiding: Op zaterdagavond 4 mei 2019 verdween de 23-jarige Julie Van Espen
uit ’s Gravenwezel bij Schilde. Ze was met de fiets op weg naar
vrienden op het Zuid in Antwerpen vanuit haar woonplaats. De politie,
die lering heeft getrokken uit onverkwikkelijke zaken als Dutroux, nam
de zaak onmiddellijk ernstig. Familie en vrienden begonnen een sterk
georganiseerde zoektocht. Met man en macht werd gezocht naar Julie. En
niet zonder resultaat. Camerabeelden brachten de politie op het spoor
van de zonderling Steve B. De adrenaline van de massale zoektocht maakte
plaats voor onmetelijke pijn toen de hallucinante waarheid naar boven
kwam. Julie was vermoord, haar lichaam gedumpt in het Albertkanaal. 

Heel Vlaanderen vernam toen vol afgrijzen dat de moordenaar niet aan zijn proefstuk toe was. 

De moordenaar van Julie Van Espen, Steve B, zat
tussen 2004 en 2008 vierenhalf jaar in de gevangenis voor een
verzameling van verschillende misdrijven zoals diefstal,
verkeersmisdrijven, heling én verkrachting. In 2016 was het weer zover.
Hij pleegde een nieuwe diefstal met geweld én verkrachting. Daarvoor zat
hij tweeënhalf maanden in voorarrest. De raadkamer verwees het dossier
door naar de correctionele rechtbank, en liet de man vrij onder
voorwaarden in afwachting van het proces. Op het proces, in 2017, werd
de man veroordeeld tot 4 jaar gevangenis. Door in beroep te gaan kon de
man vermijden terug naar de gevangenis te moeten gaan. Het Openbaar Ministerie vroeg aan de rechter om de man in de gevangenis te plaatsen tot het beroep zou voorkomen. De rechter weigerde. Het beroep heeft nog niet plaats gevonden, dus was de man nog vrij.

***

‘tScheldt: Dank voor dit unieke gesprek, Weledele. U stond er op dat dit gesprek geheel anoniem moest blijven, waarom?

De rechter: In tegenstelling tot wat iedereeen
denkt, is het niet een persoon die een vonnis velt, maar is het een
onzijdig neutraal lichaam dat een vonnis velt. Op het moment dat wij een
vonnis uitspreken zijn wij louter een instrument, een verlengenis van
Het Recht. Wij zouden dan ook het liefst hebben dat onze persoonlijke
naam niet meer onder een vonnis wordt weergegeven.

‘tScheldt: Het spijt ons Weledele dat wij dan een
beetje verward zijn. U heeft dan toch maar als ‘instrument’ een roofdier
losgelaten in de maatschappij, en dat terwijl U alle middelen had om
dit roofdier op te sluiten.

De rechter: U maakt hier twee denkfouten. Ten eerste
is vrijheidsberoving de ultieme straf. Daar kan een rechter niet licht
overgaan. In het geval dat U ons voorlegt (moordenaar Steve B uit
Antwerpen) was de keuze niet eens moeilijk. Het Openbaar Ministerie
vroeg de onmiddellijke aanhouding en dat hebben wij geweigerd. Deze arme
man had al eens viereneenhalf jaar in de gevangenis doorgebracht en nog
eens twee maanden in voorarrest. Hij was dus met andere woorden al
zwaar gestraft geweest. Bovendien was hij heel duidelijk in zijn
antwoorden toen wij hem vroegen of hij zich zou gedragen indien wij hem
zouden vrijlaten. Hij zei dat hij zich rigoureus aan de wet zou houden.
Ten tweede is iemand die in beroep gaat nog niet schuldig. Met andere
woorden, wij lieten een onschuldige vrij.

‘tScheldt: Geachte, sta ons toe toch enigszins
kritisch naar Uw beslissingen te kijken. Zo onschuldig was deze man toch
niet. Hij had al twee verkrachtingen op zijn naam staan.

De rechter: (onderbrekend) Nee toch niet,
hij had één verkrachting op zijn naam staan, waarvoor hij was
veroordeeld, en waarvoor hij zijn straf had uitgezeten. Met andere
woorden, over de eerste verkrachting heeft de samenleving de spons
geveegd. Die telt dus eigenlijk -strikt genomen- zelfs niet meer mee.
Wat de tweede verkrachting betreft was hij vooralsnog onschuldig, want
hij was in beroep gegaan tegen het vonnis.

‘tScheldt: Maar Weledele, het feit dat deze man in
beroep gaat doet toch niets af van het feit dat hij daadwerkelijk twee
verkrachtingen heeft begaan.

De rechter: Dat zegt U. Voor de Wet was deze man onschuldig aan de tweede verkrachting op het moment dat wij hem vrijlieten.

‘tScheldt: Nu U weet dat de man die U vrijliet deze
week een onschuldig meisje heeft vermoord, voelt U zich hiervoor niet
verantwoordelijk?

De rechter: Nee uiteraard niet. Wij hebben dat
meisje niet vermoord. Iedereen heeft een keuze in het leven. Wij hebben
ervoor gekozen een onschuldige vrij te laten. Deze onschuldige koos
ervoor om iemand te vermoorden. Net zoals dat meisje ervoor koos om
alleen met de fiets door een naargeestige wijk te willen fietsen langs
het Albertkanaal.

‘tScheldt: Excuseer Edelachtbare maar dat laatste kan U toch niet menen. U doet het voorkomen alsof Julie Van Espen schuldig is aan haar dood?

De rechter: Uiteraard klinkt dat hard en
onaangenaam. Maar het is wel zo. Iedereen maakt keuzes, ook zij heeft
een keuze gemaakt. Wij zeggen niet dat iedereen weet wat het gevolg is
van zijn of haar keuze, maar iedereen maakt keuzes. Had zij gekozen om
met de wagen naar Antwerpen te gaan was zij nu niet dood geweest. Hadden
wij ervoor gekozen om deze man in de gevangenis op te bergen had hij
wellicht niet dat meisje gedood. Opnieuw, iedereen maakt keuzes.

‘tScheldt: Weledelgestrenge, U begrijpt toch dat U
de laatste pilaar bent die onze samenleving dient te beschermen? Wij
mogen in Vlaanderen geen wapens dragen om onszelf te verdedigen omdat
wij ervan uitgaan dat U met de middelen die U ter beschikking heeft onze
samenleving beschermt?

De rechter: Opnieuw ziet U dit verkeerd. Het is
helemaal onze taak niet om de maatschappij te beschermen. Wij scheppen
in de eerste plaats orde.

‘tScheldt: Wij van onze kant vinden de moord op Julie, heu….niet zo’n proper voorbeeld van ‘orde’.

De rechter: Dat zijn Uw woorden, niet de onze.

‘tScheldt: In een postercampagne op de sociale media stelde CD&V vorige jaar dat: “Elke straf wordt uitgevoerd. Gedaan met straffeloosheid.” Getekend: Koen Geens, Minister van Justitite, en ook: “Wie
een gevangenisstraf krijgt zal ook effectief naar de gevangenis moeten
gaan. Koen Geens maakt hiermee een einde aan de straffeloosheid
#dewegvooruit”

De rechter: De CD&V is in de eerste plaats een politieke partij, die nu toevallig de Minister van Justitie
levert. Zij dingt naar Uw stem. Het is Uw keuze om hen te geloven of
niet. Als rechter zijn wij onafhankelijk. Wat ons betreft heeft de
Minister van Justitie gelijk en is er inderdaad geen sprake van
straffeloosheid in Vlaanderen.

‘tScheldt: In 2016 verkrachtte een man in Bonheiden
een 14-jarig meisje in het restaurant waar hij een vrijgezellenfeest
had. Hij kreeg uiteindelijk twee jaar met uitstel. Dat is volgens de
publieke opinie geen straf. Dat is eigenlijk zeggen dat verkrachting OK
is.

De rechter: Opnieuw dat zijn Uw woorden, niet de
onze. De rechter in die zaak zal allicht redenen hebben gehad om een
straf met uitstel uit te spreken. Wij verwijzen naar onze eerdere
stelling dat vrijheidsberoving slechts een aller-, allerlaatse vorm van
bestraffing is. Een gesprek met het slachtoffer, of enkele uren helpen
op een trauma-afdeling in een ziekenhuis zijn veel efficiënter dan
vrijheidsberoving. Trouwens het is niet zeker of dit 14-jarige meisje
geen aanleiding gaf om verkracht te worden.

‘tScheldt: (sprakeloos)… Zou het kunnen dat Uwe Doorluchtigheid meent dat Julie Van Espen zelf aanleiding gaf om verkracht en vermoord te worden?

De rechter: U legt ons  woorden in de mond die wij
niet gebezigd hebben. Wij waren niet aanwezig langs het Albertkanaal op
het moment dat zij voorbij fietste. Was zij frivool gekleed? Heeft zij
contact gehad met haar moordenaar? Dat is allemaal voorwerp van het
onderzoek. Het is belangrijk te weten dat meisjes niet zomaar verkracht
worden. Er is altijd een aanleiding, weze het bedoeld of onbedoeld.

‘tScheldt: (stilte)

‘tScheldt: Heeft U eventueel nog een laatste woord voor de familie en vrienden van Julie?

De rechter: Nee uiteraard niet, dat zou het komende
proces van haar moordenaar in het gedrang kunnen brengen. Daar kunnen
wij ons niet aan bezondigen.

***

Steun ‘tScheldt! omdat er soms niets anders meer op zit

***

Foto: De cynische advertentiecampagne van Koen Geens,
Minister van Justitie uit 2018. Moest “elke straf uitgevoerd worden”
zoals hij adverteerde, had de moordenaar van Julie Van Espen in de
gevangenis gezeten en had zij nog geleefd.

Vervolg: Dinsdag 7 mei 2019: De CD&V en haar communicatiebureau stoppen in allerijl de online campagne die Koen Geens
moet vooruitschuiven als de koene ridder die seksueel geweld strenger
aanpakt (zie onder). Met de Indische likes op de CD&V Facebook
pagina kon nog gelachen worden, met deze campagne tegen seksueel geweld
iets minder.

Het communciatiebureau uit Hasselt OnOff doet haar
naam eer aan. De campagne ter promotie van Koen Geens als strenge
bestraffer van seksueel geweld was nog niet ON of ze moest al OFF
geplaatst worden. Zoals de meeste reclameboodschappen van de CD&V
wordt er een stelling geponeerd die door de eigen ministers niet kon of
niet kan waargemaakt worden. In de inderhaast gestopte campagne wordt
verwezen naar de ‘Werken van Geens’, een allusie op de twaalf werken van
Herakles. In de Griekse mythologie was Herakles een halfgod. Het lijkt
aannemelijk dat Koen Geens en zijn reclamebureau OnOff
menen dat Geens eveneens een halfgod is als Minister van Justitie. We
zullen dat even checken bij Julie Van Espen. Oh, wacht, dat gaat niet
meer…

***

Voor alle duidelijkheid: Het “gesprek met de rechter die de moordenaar van Julie Van Espen vrijliet” is satire,
van de donkerste soort, getriggerd door een gebeurtenis die pijnlijk
duidelijk maakt hoe een bepaald soort politiek deze samenleving hoe
langer hoe meer in de steek laat.

Tags: Albertkanaal, Julie Van Espen, Koen Geens, Moord in Antwerpen