Extremisme, wat is dat?

Extremisme wordt bij meerderheid cultureel bepaald
De Mahrind stam in Papoea Nieuw-Guinea houd er gebruiken op na die de Westerse mens extreem aandoen: één bruid heeft in één nacht gemeenschap met ongeveer honderd mannen. Bij bijna alle rituelen is intensieve consumptie van sperma van het grootste belang. Zulke voor de Europeanen schokkende gegevens hadden te maken met een hoofdmotief in alle rituelen: vruchtbaarheid, kracht, leven, zegen.

art-and-hate
Het is dus niet zo goed cultureel te bepalen wat extreem is. Elke cultuur heeft zijn eigen extremiteiten. Ook de Westerse mens heeft er last van. Neem bijvoorbeeld de grote angst van m.n. Amerikanen om zich om te kleden in het bijzijn van anderen, of de grote groepen mensen die in weerwil van alle wetenschap nog elke week naar een sprookjesclub, kerk, moskee gaan en alles letterlijk geloven.
Onze democratie is ook een middel tot pacificatie; het probeert samen te laten leven wat soms (fundamenteel) verschillend is. Dat is een dans op een koord; een spel dat maar weinig opgerekt kan worden. De hoofdregel van het spel is dat we de fictie in stand houden dat verschillen er niet toe doen en dat we allemaal gelijk zijn. Eigenlijk is niemand echt extreem, behalve uiteraard de buren.
Nu de culturele benadering ons niet dichter brengt bij een begrip van wat extremiteit nu precies is, moeten we misschien maar wat andere benaderingen proberen.
Extremisten zijn statistisch in de minderheid
Als de meerderheid zelf normaal is en bepaalt wat extreem is, dan zijn extremisten per definitie in de minderheid. Maar dat doet weinig recht aan de negatieve lading die het woord “extremist” heeft. Deze extremisten zouden wel eens briljante wetenschappers kunnen zijn, die simpelweg een betere kijk op de wereld hebben.
Toch is de statistische benadering handig. Als je niet objectief, dat wil zeggen los van de culturele context, kunt bepalen wat een extreme gedachte of een extreme handeling is, dan zou je kunnen zeggen dat extremisten opvallen door hun anders-zijn.
Dat geeft natuurlijk wel weinig aanknopingspunten voor een liberale samenleving. Willen we vrijheid van denken, van geloof, van pers, vrijheid voor het individu? Dan nemen we dat anders-zijn juist in bescherming… Het lijkt erop dat de Taliban beter in staat is om extremisme te bestrijden dan een liberale samenleving. Maar ja, wie was er nu precies extreem? Zijn de Kopten in het “bevrijde” Egypte extremisten?
Dus ook dit brengt ons niet tot een wenselijke oplossing.
Extremisten zijn bereid om alles op te offeren voor hun idealen
Hoe ver wil je gaan om jouw mening of idealen op te dringen aan anderen? Extremisten zijn vaak bereid om geweld te gebruiken en hun leven op het spel te zetten.
Nou, met zo’n definitie kun je concluderen dat zo ongeveer een complete generatie van de mannelijke bevolking ten tijde van de wereldoorlogen dus extremist was. Het is waar dat extremisten bereid zijn alles op te offeren, maar ook “gewone” mensen zijn daar onder bepaalde , cultureel vastgestelde omstandigheden toe bereid.
Extremisten zijn consequent
Vaak volgen extremisten een ijzeren logica waarin geen ruimte is voor nuance of conflicterende beschouwingen. Een recent voorbeeld is Breivik, die de consequenties van zijn wereldbeeld op lugubere wijze tot uitvoering bracht.
Toch is het lastig om deze definitie te hanteren. Calvinisten, logici, informatici, en veel rationeel-wetenschappelijk getrainde personen zouden er ook zomaar onder kunnen vallen. Het gaat niet alleen om de consequentie van het denken, maar ook om de bereidheid ernaar te handelen. Maar hoort dat niet bij elkaar?
Extremisten voelen zich beter dan de rest en hebben hogere idealen
Nogal wat Groen- en Links-leden vinden dat je best de wet mag overtreden voor een “hoger ideaal”. Ofwel, de democratisch vastgestelde wetten, die een afspiegeling zijn van de idealen zoals die leven in de Europese samenleving, daar hebben ze lak aan. Met andere woorden: een deel van de Groenen en Linksen zijn feitelijk antidemocratisch, ook al zullen ze het niet snel hardop zeggen.
De staatsveiligheid hanteert in de duiding van onderzoeksonderwerpen de termen “extreem” en “extremistisch”. Met de aanduiding “extreem” worden daarbij personen en groeperingen bedoeld die opereren op de grens van, maar nog steeds binnen het bestaande politieke spectrum en de grenzen van de democratische rechtsorde. De toevoeging “extremistisch” duidt op een beweging die over die grens gaat waarbij men bijvoorbeeld geweld toepast om doelen te realiseren. In hun definitie gebruiken ze ook “haatzaaiende teksten”, iets wat nogal lastig te definiëren is omdat het zo cultureel gebonden is wat wel of niet beledigend is.
Maar grosso modo is de definitie van het poco regime helder: in onze democratische rechtsstaat moet je je aan de wet houden en het politieke spel volgens de spelregels spelen, en wil je dat niet dan ben je extremistisch.
Tenslotte: het zijn maar extremisten. Gematigden zijn misschien wel gevaarlijker.
En zijn extremisten eigenlijk wel echt zo gevaarlijk? Een enkele extremist die een terroristische aanslag pleegt kan heel wat onzekerheid, angst en verandering tot stand brengen. Maar in een democratie is het tenslotte toch de meerderheid, of de coalitie van partijen, die doorslaggevend is.
Een grote groep mensen die zogenaamd “gematigd” zijn, en dat zijn ze vaak per definitie juist omdat het een grote groep is (!), heeft veel invloed op het landsbestuur van een democratische rechtsstaat.
Als er een grote groep groeit die weinig opheeft met de fundamenten van onze liberale democratische rechtsstaat dan is dat mogelijk een grotere dreiging dan welke uitgaat van een enkele extremist.
Bovendien zie je vaak dat de individuele extremisten geboren worden in een omgeving die ruimte creëert voor zulk extremisme. Een religie of ideologie die haaks staat op de Westerse, liberale, Verlichte, wetenschappelijke waarden, die zal sneller leden voortbrengen die bereid zijn tot in het extreme tegen onze cultuur te vechten.
We hebben dus nog niet helemaal vat gekregen op het verschijnsel “extremisme”. Het is niet goed te objectiveren.
Maar als subjectief begrip is het wel degelijk bruikbaar: groepen die een hekel hebben aan onze democratische, op de op wetten gebaseerde samenleving met liberale waarden en wetenschappelijke methoden, zulke groepen zijn in onze ogen (dus subjectief) als extreem te betitelen: ze wijken extreem af van de fundamenten van onze samenleving.
En misschien moeten we afstappen van ons gelijkheidsideaal. Niet iedereen is gelijk, en extremisten zijn al helemaal niet gelijk aan hoe wij onszelf willen zien. Onze primaire waarden komen in gevaar als we te tolerant zijn voor waarden die daar haaks op staan, ook al is vrijheid zonder aanzien des persoon nu juist één van onze kernwaarden. We zullen minder consequent moeten worden, of misschien wel meer specifiek, meer vanuit het bewustzijn dat niet alle individuen en niet alle culturen dezelfde resultaten geven.

Ik kan wel zeggen dat wij op Nageltjes heel specifiek zijn, maar ook heel consequent en al helemaal niet extremistisch want we zijn de/een stem van de meerderheid.

image_pdfimage_print
Share

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *